Appel
Back to Artists

Karel Appel

Bio 1946-2006

Deze Nederlandse kunstschilder en beeldhouwer is in 1921 in Amsterdam geboren. Hij is de zoon van een kapper en na een ruzie met zijn vader schrijft hij zich in bij de Rijksacademie voor beeldende Kunsten. Tijdens zijn opleiding ontmoet hij zijn geestesgenoot Corneille.
Na de oorlog reizen zij samen naar Luik en later naar Parijs. Daar in november 1948 maken de twee vrienden deel uit van de oprichters van de Cobra-groep.
De term "ik rotzooi maar wat aan" geeft goed aan hoe Karel Appel te werk gaat: hij pakt een onderwerp beet en komt al werkend tot een resultaat. In de jaren ‘40 en ‘50 veroorzaakt het werk van Karel Appel hevige discussies. Zijn in 1949 in de kantine van het Amsterdamse stadhuis aangebrachte muurschildering "Vragende kinderen" verdwijnt al snel achter het behang, omdat verontwaardigde ambtenaren gestoord worden tijdens de lunch. 10 jaar later zou deze muurschildering pas weer onthuld worden!

Karel Appel is vooral een doener, geen theoreticus. Hij heeft weinig op met de theorieën van de anderen. Appel schildert in heldere kleuren en simpele vormen.

In zijn cobra-periode zijn de olieverfschilderijen van Appel dun uitgestreken composities die bestaan uit fantasiedieren en kinderen die het publiek aanstaren met grote verwonderende ogen.
Ondanks het uiteenvallen van de groep in 1951 wist hij de gevoelsmatige benadering van zijn onderwerp te behouden.

Begin jaren 50 krijgt hij meer en meer erkenning door internationale tentoonstellingen. Hierdoor leert hij nieuwe landen en steden kennen en vooral New York inspireert hem. Zijn stijl wordt wilder en zijn pallet dikker: lijn en kleurvak smelten samen in een bewogen verfmassa. Appel ontwikkelt een heftiger toets in een dikke verflaag, maar blijft trouw aan de uitgangspunten van Cobra: een zeer expressionistische schilderswijze met figuratieve elementen.

In de loop van jaren zestig verandert het karakter van zijn werk: hij schildert volledig abstract [landscapes] of juist uitgesproken figuratief. De kleuren worden feller en de expressie allesoverheersend.

"Ik schilder als een barbaar in deze barbaarse tijd."

In de tweede helft van de jaren 60 gaat hij behalve schilderijen, gouaches en litho's enorme, felgekleurde beelden en reliëfs van hout, aluminium en polyester maken. De expressie maakt plaats voor constructie.
Dit resulteert begin jaren 70 tot enorme, plat uitgestreken, kleurrijke composities. Het schilderij-achtige karakter van zijn werk wordt weer belangrijker.

Deze stijl wordt opgevolgd door de "streepjes-periode": landschappen, stillevens en portretten, opgebouwd uit parallelle verfstreken in allerlei richtingen, die de motieven en kleuren reflecteren van de plaatsen en streken waar hij werkt en die een ode zijn aan de techniek van zijn grote voorbeeld en landgenoot Vincent Van Gogh.
Nooit laat hij een periode "koud" worden. Telkens wanneer het publiek gewoon is aan een stijl, stapt hij weer over op een volgende stijl. De Meester is zijn publiek steeds te snel af!
Vanaf 1980 maakt hij de zogenaamde ‘venster-schilderijen'. Dit zijn zijn meest abstracte en contemplatieve schilderijen. De schilder kijkt naar zijn doek zoals de kijker door zijn raam kijkt. Maar Appel gaat een raam op dat doek schilderen en creëert zo een overstijgende trap: zo wil hij tot een diepere waarheid komen.
De rest van jaren 80 neemt de figuratie de bovenhand, evenals zijn krachtige dikke pallet.

Rond 1990 schildert Appel veel vrouwelijke en mannelijke naakten naar model, in zwarte of witte verfslierten, direct uit de tube of in krachtige, kleurige verfstreken. Met de meesterhand, die blindelings zijn weg vindt, schildert hij weergaloze doeken, die barsten van het leven.

Appel blijft heel zijn leven lang trouw aan zijn uitgangspunten.

Hij overlijdt op 3 mei 2006.